Interview met Wim Oudakker, senior product manager van Enovation

Op de vraag of Wim Oudakker van Enovation positief terugkijkt op de samenwerking met Twiin en deze pilot, antwoordt hij: “Zeker. Twiin krijgt iedereen bij elkaar. Al is het in een virtuele kamer. Het is mooi om te zien dat we gezamenlijk aan een oplossing werken. Het zijn allemaal ervaren mensen waarmee je gewoon een goede inhoudelijke discussie kunt voeren. We vormen met de andere deelnemers een mooie club. Als je kijkt wie erbij zitten, dan denk je wel: als we het met deze partijen niet voor elkaar krijgen, met wie dan wel? De juiste mensen zitten nu bij elkaar.”

Samenwerken met leveranciers

De eerste iteratie van de Twiin-pilot is afgerond. Hoe hebben deelnemende leveranciers deze eerste stap ervaren? Wat zijn ze tegen gekomen? We vragen het aan Enovation, Sectra en Agfa HealthCare. Na Johan Hendrickx van Agfa is het nu de beurt aan Wim Oudakker, senior product manager van Enovation.

Hebben jullie anders moeten werken bij deze pilot?

“Ja, het was wat anders dan we gewend zijn. Normaal gesproken hebben we eerst een gesprek met de klant en wordt een omgeving ingericht en geconfigureerd. Daarna gaan we de koppeling opzetten met een ander ziekenhuis. Tenslotte testen we onderling. Daar kunnen nog bevindingen uit komen, die vervolgens worden opgelost.

Bij deze pilot test iedereen eerst met het InteropLAB om te laten zien dat ze alles goed hebben geïmplementeerd. Dat biedt meerwaarde. Daardoor zal de rest van het traject waarschijnlijk sneller gaan. Het kost eerst wat extra tijd, maar ik denk dat het verderop in het traject winst kan opleveren.”

Waren jullie al bekend met het InteropLAB?

“Jazeker, want op de Connectathon gebruiken we dezelfde tooling. Alleen test je daar in eerste instantie tegen een testtool aan en nu zitten er mensen met kennis aan de andere kant waarmee je in discussie kunt gaan. Dat is prettig. Ik zie dat in normale trajecten ook steeds vaker InteropLAB wordt ingezet. Er is dus behoefte aan een testtool. Toch denk ik dat we nog naar de IHE profielen moeten kijken. Er zijn nu te veel vrijheidsgraden. Je kunt dingen op verschillende manieren implementeren en toch aan de standaard voldoen. Dat moet nog strakker.”

Wat hebben jullie anders moeten organiseren?

“Een aantal ingewikkelde scenario’s moesten we testen. Daarbij was het noodzakelijk allerlei simulatieomgevingen in te stellen voor InteropLAB. Denk aan het ophalen van beelden en opslaan in een PACS. Wij zijn een XDS-leverancier en hebben geen PACS. Dus die test moest worden doorgestuurd naar een test-PACS bij het InteropLAB. Dat maakt het net iets complexer. Voor ons was het prettig om ook wat nieuwe collega’s die nog geen ervaring hadden met dit soort trajecten, hieraan te laten meewerken. Dat was een bijkomend voordeel.”

Hoe is de samenwerking met Twiin bevallen?

“Toen de mensen van Twiin ons uitnodigden was er eigenlijk al best het nodige gedaan. De architectuur stond toen al in de stijgers. Jammer genoeg waren wij als XDS-experts niet vanaf dag 1 betrokken. We hebben in het begin best wat vragen gesteld en kanttekeningen geplaatst. Er zijn bepaalde keuzes gemaakt in de architectuur die wij niet gemaakt zouden hebben. Gelukkig zien we dat Twiin open staat voor onze argumenten. Er is aangegeven dat we in het vervolg meer betrokken worden bij de ontwerpbeslissingen.”

Zie je nog obstakels op de weg?

“Waar ik mij een beetje zorgen om maak is de landelijke dekking. Op dit moment is alles vrij regionaal georganiseerd. We maken 1 op 1 koppelingen met ziekenhuizen. Het is nu soms al best lastig om alles afgestemd te krijgen. Ik vraag mij af hoe je alle afspraken gaat harmoniseren als je een landelijk netwerk hebt. Hoe zorg je dat iedereen in Nederland dezelfde implementatiekeuzes maakt? Het landelijke netwerk creëren is meer dan technisch de knooppunten aan elkaar koppelen. Er zullen op detailniveau afspraken moeten worden gemaakt over hoe je bepaalde implementaties moet doen. Maar ik zie daar zeker mogelijkheden. Dit is een ideale kans om het op te pakken en het eens goed te regelen.”